Skip to content

Blog

BTW regels 2021: Aantrekkelijk voor verkopers binnen de EU?

BTW regels 2021: Aantrekkelijk voor verkopers binnen de EU?

1001
0
0

In een eerder blog is er al aandacht besteed aan de nieuwe BTW regels die gelden vanaf 1 juli 2021. Voor veel verkopers buiten Europa betekent dit dat zij meer (invoer) btw moeten betalen. Hiermee wordt een eerlijker speelveld gecreëerd tegenover verkopers binnen Europa. Zal dit gevolgen hebben voor de welbekende ali-dropshipper? De belangrijkste veranderingen lees je verder in dit blog.

Nieuwe BTW regels per 1 juli 2021 

Op 1 juli 2021 treden de nieuwe e-commerce btw-regels voor grensoverschrijdende leveringen aan particulieren binnen de EU in werking. De belangrijkste wijziging is dat dergelijke leveringen vanaf 1 juli in beginsel belast zijn met het btw-tarief van het EU-land van aankomst van de goederen.

Naast dat de nieuwe e-commerce btw-regels betrekking hebben op grensoverschrijdende leveringen door verkopers binnen de EU, gelden de regels ook voor verkopen van goederen van buiten de EU.

In dit artikel beschrijven wij welke wijzigingen er per 1 juli 2021 plaats zullen gaan vinden voor ondernemers die goederen leveren aan particulieren binnen de EU, waarbij de goederen afkomstig zijn van buiten de EU.

1. Algemeen

De nieuwe e-commerce btw-regels worden ingevoerd ter verwezenlijking van drie doelstellingen, te weten: (1) eenvoud, (2) neutraliteit, en (3) beperking van het verlies van btw inkomsten. Met name de laatste twee doelstellingen zien op de wijzigingen van de btw-regels voor verkopen van goederen afkomstig van buiten de EU.

Door het wijzigen van de regels wordt beoogd een meer neutraal speelveld te creëren tussen EU- en niet-EU-verkopers. Momenteel kunnen niet-EU-verkopers namelijk legaal en illegaal goederen en diensten btw vrij leveren, terwijl EU-concurrenten dat niet kunnen. Daarbij verliezen EU-lidstaten momenteel ook waardevolle btw inkomsten als gevolg van de btw-vrijstelling voor de invoer van kleine zendingen tot maximaal EUR 22.

2. Invoerregeling

Per 1 juli 2021 wordt er een nieuwe regeling ingevoerd voor goederen afkomstig van buiten de EU. Deze regeling wordt de Invoerregeling, ook wel invoer-One-Stop-Shop (I-OSS), genoemd.

Met de invoering van deze regeling vervalt de btw-vrijstelling voor invoer van goederenzendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan EUR 22. Zoals hiervoor al kort opgemerkt vervalt deze vrijstelling per 1 juli 2021 om een gelijk speelveld te creëren voor goederen afkomstig van binnen en buiten de EU. Dit omdat momenteel goederen met gebruik van de huidige vrijstelling voor kleine zendingen vrij van btw de EU binnenkomen, terwijl de waarde van de goederen vaak hoger is dan EUR 22. Er wordt dus vaak onrechtmatig gebruik gemaakt van deze vrijstelling.

Door het vervallen van de vrijstelling zullen in beginsel alle goederen (ook van geringe waarde) afkomstig van buiten de EU onderworpen worden aan (invoer) btw. Voorgaande zal echter een aanzienlijke administratieve lastenverzwaring meebrengen voor zowel ondernemers als EU-lidstaten. Om hieraan tegemoet te komen wordt de Invoerregeling van toepassing voor de invoer en levering van bepaalde goederen.

Uitgangspunt hierbij is dat de invoer van de goederen in de EU onder de Invoerregeling is vrijgesteld van btw en dat de daaropvolgende levering in de EU belast is met btw in het land van de afnemer. Praktisch bezien gaat het hierbij om grensoverschrijdende leveringen aan particulieren, ook wel “afstandsverkopen” genoemd, vanuit een niet EU-lidstaat. Dergelijke afstandsverkopen zijn belast op de plaats waar de goederen zich bevinden op het tijdstip van aankomst bij de afnemer.

In een voorbeeld werkt dit als volgt uit: Een ondernemer verkoopt via een website een product dat afkomstig is van buiten de EU aan een Nederlandse particulier voor een prijs van EUR 25 inclusief btw en verzorgt daarbij het vervoer. In deze situatie is sprake van een afstandsverkoop vanuit een niet EU-lidstaat aan Nederland. Op basis van de Invoerregeling is de invoer van het product in Nederland vrijgesteld van invoer btw. De ondernemer is vervolgens in Nederland 21% btw verschuldigd over de verkoop en moet deze aan de Nederlandse Belastingdienst betalen.

De Invoerregeling kan slechts worden toegepast als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  1. de goederen zijn afkomstig van buiten de EU en worden verkocht aan particulieren in de EU;
  2. de zending(en) hebben een intrinsieke waarde van niet meer dan EUR 150; en
  3. de goederen worden verzonden of vervoerd door of voor rekening van de leverancier of diens indirecte tussenkomst.

Indien is voldaan aan de voorgaande voorwaarden kan gebruik worden gemaakt van de Invoerregeling en is de invoer van de goederen in de EU vrijgesteld van btw en is de daaropvolgende levering in de EU belast met btw. Alle verschuldigde btw die betrekking heeft op afstandsverkopen van buiten de EU kan door een ondernemer in één EU-lidstaat worden aangegeven in één I-OSS aangifte.

Voor bepaalde niet in de EU gevestigde ondernemers geldt voor de toepassing van de Invoerregeling nog als extra voorwaarde dat een “tussenpersoon” moet worden aangewezen. Deze tussenpersoon is gehouden tot voldoening van de btw en om in naam en voor rekening van de ondernemer de bij de Invoerregeling vastgestelde verplichtingen na te komen.

Indien de goederen een hogere intrinsieke waarde hebben dan EUR 150 gelden de normale btw-regels. Dit betekent in beginsel dat invoer btw betaald moet worden in de EU-lidstaat van invoer. Afhankelijk van of de goederen worden ingevoerd op naam van de leverancier of op naam van de particulier is de leverancier mogelijk ook btw verschuldigd in het land van de aankomst van de goederen.

3. Regeling post- en koeriersdiensten

Wanneer geen gebruik wordt gemaakt van de Invoerregeling zal voor iedere goederenlevering vanuit een niet-EU-lidstaat aan een particulier in de EU, een volledige douaneaangifte gedaan moeten worden zodat de btw die is verschuldigd bij invoer kan worden voldaan.

Onder de “nieuwe” regeling voor post- en koeriersdiensten kunnen post- en koeriersbedrijven de verschuldigde invoer btw van zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan EUR 150, innen bij de persoon voor wie de goederen uiteindelijk zijn bestemd. De regeling post- en koeriersdiensten is geen One-Stop-Shop-regeling en de regeling moet dan ook lokaal per EU-lidstaat worden toegepast.

In de praktijk gaat het bij deze zendingen voornamelijk om invoer door een post- en koeriersbedrijf op naam van de particulier. Hierdoor is geen sprake van een afstandsverkoop vanuit een niet-EU-lidstaat waardoor de plaats van levering de plaats is waar het vervoer aanvangt. Dit zal normaliter een niet-EU-lidstaat zijn waardoor de leverancier in de EU geen btw verschuldigd is.

In plaats daarvan is de particulier invoer-btw verschuldigd in het land van invoer. In veel gevallen kan dit alleen de EU-lidstaat zijn waar de verzending of het vervoer eindigt, omdat goederen van een waarde lager dan EUR 150 niet in het vrije verkeer mogen worden gebracht in een andere EU-lidstaat dan die van aankomst van de goederen. De verschuldigde btw wordt zoals hiervoor opgemerkt door de post- en koeriersbedrijven geïnd van de particulier en afgedragen aan de Belastingdienst van het land van invoer.

4. Platformfictie

Indien een ondernemer zijn goederen verkoopt aan particulieren door tussenkomst van een elektronische interface (marktplaats, portaal of platform) kan onder omstandigheden ook nog de nieuwe “platformfictie” van toepassing zijn.

Op basis van de platformfictie wordt een platform geacht eerst het goed van de ondernemer af te nemen en vervolgens een levering te verrichten aan de particulier. De levering van de ondernemer aan het platform is hierbij veelal vrij van btw en de levering van het platform aan de particulier wordt hierbij geacht de afstandsverkoop te zijn waarover btw is verschuldigd.

De platformfictie geldt alleen voor verkopen gefaciliteerd door een (online) verkoopplatform in de volgende twee situaties:

  • verkopen aan particulieren in de EU, waarbij de goederen vanuit een niet EU-lidstaat worden vervoerd naar de EU en de intrinsieke waarde van de totale zending niet meer bedraagt dan EUR 150; of
  • verkopen aan particulieren in de EU, door een niet in de EU gevestigde ondernemer die de goederen vanuit een EU-lidstaat naar de particulieren vervoert.

Wanneer de platformfictie van toepassing is kan het (online) verkoopplatform gebruik maken van bijvoorbeeld de Invoerregeling. Dit kan als de goederen afkomstig zijn van buiten de EU, of de Unieregeling als de goederen afkomstig zijn van binnen de EU.

Door de afdracht verplichting van de btw te verleggen naar de (online) verkoopplatforms wordt getracht te zorgen dat over alle online verkopen btw wordt afgedragen. Voor EU-lidstaten is het namelijk makkelijker om de platforms te controleren dan alle individuele verkopers op de platforms.

5. Resumé

Op basis van de voorgaande wijzigingen wordt er per 1 juli 2021 in beginsel altijd btw berekend over goederen die afkomstig zijn van buiten de EU. Ongeacht of de goederen worden ingevoerd op naam van de leverancier of de particulier. Hiermee moet dan een meer neutraal speelveld ontstaan tussen verkopen en verkopers binnen de EU en verkopen en verkopers van buiten de EU.

Nog meer weten over de nieuwe BTW regels? 

Op Dinsdag 1 juni 2021 organiseert HVK Stevens een webinar over de nieuwe wijzigingen. Tijdens deze webinar zullen er praktische tips en informatie worden gegeven over de nieuwe BTW regels.  Schrijf je hiervoor in via de website!

 
 
Bericht delen:
LinkedIn
Q&A Image
Niet gevonden wat je zocht?

Neem dan vrijblijvend contact op met één van de behulpzame specialisten van WebwinkelKeur:

 

Reacties

Geen reacties gevonden.
Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *